ARNHEM - De Derde Kerstdagloop lokte gistermiddag liefst duizend lopers naar Arnhem. Onder hen Rob Chevallier, die verslag doet vanuit het hart van de tocht. Over regen, modder en de gluiperige Geitenbult.
Onophoudelijk klettert de regen in de plassen op de atletiekbaan van Valkenhuizen. De meeste deelnemers aan de twaalfde Derde Kerstdagloop vinden het maar niks. Mopperend staan ze bij elkaar voor de inschrijftafel in de sporthal, of ze wachten bij de uitgang op betere tijden. Maar toch. Ze zijn gekomen. Ruim duizend lopers en loopsters, trappelend van ongeduld na twee kerstdagen binnen bij familie. Daarom vullen ze allemaal resoluut hun deelnemerskaart in.
Weer of geen weer, er mag weer gerend worden en zo'n kans laat je niet liggen. Een uur voor de start vult de sporthal zich met de geur van erwtensoep. En met steeds meer atleten. Onder hen Frits Soeters en Klaas Molenaar, de enige twee die alle edities van de halve marathon meeliepen.
"Geen probleem, die regen," vinden de ervaren lopers. "We hebben wel eens hier gelopen toen het glad was. Dat was pas vervelend."
Zit er een goede tijd in vandaag? "Waarschijnlijk niet", denkt Molenaar. "Met al die regen en die plassen worden je schoenen zwaarder. Maar eigenlijk maakt het me niet veel uit. Het is gewoon een mooi parcours."
Het regent nauwelijks meer als speaker Harry van Ginkel en organisator André Westen aftellen voor de start van de halve marathon. Nog even een foto van Soeters en Molenaar met verslaggever en dan op weg. We spreken af dat we het eerste deel gezamenlijk lopen.
Dat gaat een kwartier goed, vooraan in het bont gekleurde lint van ruim zeshonderd halve marathon-lopers. Maar even voorbij het Openluchtmuseum is het gedaan met ons plan.
Frits merkt de erfenis van twee dagen vette hap en drank. Klaas loopt zijn eigen tempo en de verslaggever doet er toch maar een schepje bovenop in een poging binnen de anderhalf uur te eindigen.
Zoals zo vaak bij een hardloopwedstrijd is het ieder voor zich. Geen punt. Er is genoeg te beleven onderweg. Grauwe wolkensluiers in de lucht en spetters van de laatste regendruppels in de plassen op het parcours. Het lawaai van de snelweg dat langzaam plaatsmaakt voor het aangename gepiep van schoenen op nat asfalt. Sommige lopers banjeren gewoon door de plassen, anderen proberen met een vrolijk hupje hun schoenen droog te houden.
De eerste helft van de loop zit er alweer op: het tempo kan wel iets omhoog. In de verte lonkt de Brandtoren; prachtig markeringspunt voor iedere recreant in dit gebied. Het bouwwerk weerspiegelt in het water dat als een beek het fietspad bedekt.
Dat was het dan, vanaf nu geen droge schoenen en sokken meer. Vanaf die toren moet het uitzicht vandaag heel bijzonder zijn. De leegte van het bosgebied, onderbroken door de bonte stoet lopers op dat lange rechte fietspad.
Geen tijd voor een uitstapje, op naar de volgende verzorgingspost op vijftien kilometer. Daar hebben de vrijwilligers van de Derde Kerstdagloop veel te doen. Lopers lijken zich moed in te drinken voor het laatste stuk met twee stevige beklimmingen.
De glibberige, gluiperige Geitenbult bijvoorbeeld. Die wacht de deelnemers op met een modderpad. Zwoegend, ploeterend en hijgend komen de lopers naar boven. Pas rond twee uur 's middags plenst de regen weer uit de hemel. Verslaggever, Frits Soeters en Klaas Molenaar zijn dan al binnen.
Molenaar monter en tevreden met zijn tijd van 1.35. "Lekker egaal gelopen. Geen problemen gehad onderweg. Het was weer schitterend." Soeters volgt acht minuten later en sluit zich aan bij de woorden van de meeste deelnemers. "Wat was het zwaar. Vooral die modder op de Geitenbult en dat laatste stuk naar de finish. Ik ben kapot, maar het was heerlijk."
Precies. Iedereen is een winnaar bij de Derde Kerstdagloop. Symbolisch voor dat motto is de binnenkomst van de laatste loper, een Duitse deelnemer uit Wesel. Na 2 uur en 22 minuten bereikt hij de finish onder begeleiding van Pauline Claessen, die ruim een uur eerder een parcourrecord liep en voor de derde keer op rij de wedstrijd bij de dames won. En Soeters en Molenaar zijn even tevreden als de andere deelnemers. Volgend jaar zijn ze er weer bij, mits in goede gezondheid. Aan het weer zal het in elk geval niet liggen.