De Twentsche Courant Tubantia - woensdag 24 maart 2004

Geluk uit een potje

Door Marloes de Koning

Het gebruik van pillen tegen depressies neemt snel toe. Inmiddels slikken 900.000 Nederlanders antidepressiva. Tot schrik van de deskundigen krijgen ook steeds meer kinderen het ‘geluk uit een potje’. ‘Met praten zoeken naar de oorzaak, is beter.’

‘Ik wil niet bij de groep horen die prozac nodig heeft om gelukkig te zijn.’ Paula (niet haar echte naam) heeft een aangeboren aversie tegen pillen om haar depressies te bestrijden. Toch twijfelt ze nu. Na vier maanden psychotherapie heeft haar therapeut het opnieuw ter sprake gebracht. ‘Ik heb mijn bezwaren te berde gebracht, maar de bijwerkingen en de kans op verslaving schijnen mee te vallen.’

Antidepressiva zijn aan een schijnbaar onstuitbare opmars bezig in Nederland en in de rest van de westerse wereld. De pillen, zoals Prozac en Zoloft, onderdrukken depressieve gevoelens en hebben minder zware bijwerkingen dan oudere generaties middelen. ‘Het stigma dat op het gebruik van bijvoorbeeld prozac zat is ervan af, iedereen gebruikt het’, zegt een woordvoerder van Geestelijke Gezondheidszorg Nederland (GGN).

Inmiddels slikt volgens het college van zorgverzekeringen één op de twintig Nederlanders antidepressiva. Tussen 1989 en 2002 steeg het aantal gebruikers van 667.000 naar 885.000. Daaronder zitten twee keer zoveel vrouwen als mannen. Ook uit gegevens van de Stichting Farmaceutische Kengetallen (SFK) blijkt dat bij de apothekers steeds meer antidepressiva over de toonbank gaan. In 2003 ging het om ruim vijf miljoen recepten. Het aantal pillen per recept stijgt ook.

Antidepressiva lijken een snelle oplossing in een snelle tijd. Psychotherapeutische ‘praatsessies’ duren lang en kosten veel. Maar in de psychiatrie zijn er twijfels of pillen wel een alternatief zijn voor psychotherapie. Nieuw onderzoek heeft uitgewezen dat praten en slikken andere effecten op de hersenen hebben.

Nog groter zijn de twijfels over het groeiend aantal kinderen dat antidepressiva slikt. Het onderzoek naar de bijwerkingen en effecten op de lange termijn is altijd beperkt tot mensen van achttien jaar en ouder. Uit cijfers van de SFK blijkt nu dat in Nederland in de eerste helft van 2003 14.000 jongeren antidepressiva via de apotheek kregen. Het overgrote deel daarvan was ouder dan 11.

‘Het is een lastige doelgroep. Allerlei depressieve verschijnselen van jongeren kunnen vaak ook aan de pubertijd worden toegeschreven’, zegt Aly van Geleuken, hoofd van het depressiecentrum van het Nationaal Fonds Geestelijke Volksgezondheid. ‘Antidepressiva moeten bij jongeren niet de eerste reflex zijn. Een therapie met praten naar de oorzaak te zoeken, is beter. Daarom zouden pillen bij jongeren niet door een huisarts voorgeschreven moeten worden maar altijd door een psychiater. Huisartsen wíllen dat ook, maar ze kúnnen vaak niet anders doordat ze op wachtlijsten voor psychologen en psychiaters stuiten. En dan zijn antidepressiva soms beter dan niets doen.’ Op dit moment staan 66.000 mensen op de wachtlijst voor geestelijke gezondheidszorg.

‘Ik vind het tamelijk onverantwoordelijk antidepressiva aan kinderen voor te schrijven terwijl de werking op lange termijn niet bekend is’, zegt professor Evert van Leeuwen van de afdeling filosofie en medische ethiek van het medisch centrum van de Vrije Universiteit in Amsterdam. ‘Het blokkeert bijvoorbeeld wel de toevoer van een stof die ook nodig is om te groeien.’ De colleges voor toezicht op het gebruik en de registratie van geneesmiddelen bepleiten terughoudendheid. Uit recent onderzoek blijkt dat de werking van de medicijnen bij kinderen tegenvalt en de kans op zelfmoord mogelijk vergroten. Ook het Nederlands college voor de beoordeling van geneesmiddelen maant tot voorzichtigheid.

Van Leeuwen kan niet zeggen of het erg is dat steeds meer Nederlanders antidepressiva slikken. Goed onderzoek naar de oorzaken van de opmars ontbreekt. ‘Waren mensen al depressief en konden ze niet geholpen worden en nu wel? Of is het een product dat nu gemakkelijk genomen wordt, omdat het goed beschikbaar is en mensen het lekker vinden? Of zou er een depressie in de cultuur hangen, waardoor mensen meer behoefte hebben aan antidepressiva? We weten het gewoon niet.’

Paula zoekt de oorzaak voor haar sombere gevoel en haar moeite met relaties met mannen vooral in haar eigen jeugd. Daar kunnen pillen weinig meer aan veranderen. ‘Ik wil mijn problemen het liefst zonder medicijnen te boven komen. Als ik me goed voel, zoals nu, denk ik ook dat dit me lukt. Maar de dalen worden langer en ze zijn zó diep.’